Doorgaan naar hoofdinhoud subline-curl

Geloven is mijn keus, niet de zijne

Op zondagmorgen naar de kerk, terwijl je partner zich nog even omdraait. In Nederland zijn veel gezinnen waar de ene partner wel gelooft en de ander niet. Hoe doen anderen het?

Elma van Beek (38) is getrouwd. Ze is moeder van Lotte (6) en Sanne (9). Haar man is niet gelovig. Elma: “Sinds negen jaar ga ik weer geregeld naar de kerk. Het geloof heb ik van huis uit meegekregen. Tijdens mijn studententijd ben ik een poosje niet naar de kerk geweest. Toen ik zwanger was van Sanne, kwam wel de vraag op of we haar moesten laten dopen. Mijn man was daar niet voor. Hij had moeite met het feit dat onze kinderen automatisch bij een kerk ingeschreven staan, zonder dat ze daar zelf voor kiezen. We hebben toen afgesproken dat de kinderen zelf de keuze voor het geloof mogen maken.

Doop en communie


Een tijdje geleden heeft Sanne eerste communie gedaan. Ze waren er op school mee bezig en toen wilde ze graag meedoen. Daarvóór heeft ze zich laten dopen. Toen ze met die mededeling kwam, was ik aangenaam verrast. Ik heb toen echt doorgevraagd of ze het echt wilde. Het is een serieuze beslissing, die je niet moet nemen omdat je vriendinnetjes het ook doen. Ik wilde weten of ze er voor de volle honderd procent achter stond. Mijn man vond het prima dat ze dat ging doen. We hebben per slot van rekening afgesproken dat de kinderen zelf een keuze maken. Mijn man was tijdens de dienst ook aanwezig, speciaal voor Sanne. Onze andere dochter Lotte is wat minder geïnteresseerd in het geloof dan Sanne. Ik betwijfel het dan ook of zij communie gaat doen volgend jaar.

Christelijk geloof


Ondanks dat mijn man er niets mee heeft, vindt hij het wel belangrijk dat de kinderen iets van het geloof meekrijgen. Hij heeft zelf op een katholieke school gezeten en we hebben voor onze dochters ook bewust voor een katholieke school gekozen. Hij vindt dat je het christelijk geloof moet kennen. Het is goed voor de algemene ontwikkeling en om te kunnen begrijpen hoe de maatschappij in elkaar steekt.

Kinderen vrij laten in geloof


Thuis bidden we soms en Sanne heeft een kinderbijbel in de kast staan. Laatst wilde ze erin lezen, dus dat hebben we toen gedaan. Ook probeer ik de kinderen alles zo goed mogelijk uit te leggen en er samen over te praten. Zo hoop ik het toch door te geven aan mijn kinderen. Verder ‘dwing’ ik mijn kinderen nergens toe. Dat is namelijk niet te doen als de één niet meedoet. Hoe kan je je kinderen vragen mee te gaan naar de kerk als hun vader ook niet meegaat? Daarom hebben wij besloten de kinderen vrij te laten. Ze mogen zelf kiezen of ze wel of niet willen gaan. Willen ze niet, dan blijven ze thuis bij hun vader.

Geloven is mijn keuze


Hoewel mijn man niet gelovig is, is er wel aan beide kanten respect voor elkaars keuzes. Geloven is mijn keus, niet geloven de zijne. Het is zoals het is en dat respecteren we van elkaar. Dat willen we ook doorgeven aan onze kinderen. Hij toont interesse als ik terugkom van de kerk en luistert naar mijn verhalen. Ik vind de onderlinge verschillen en het gesprek daarover ook verfrissend. Het houdt me kritisch.”