Doorgaan naar hoofdinhoud subline-curl

"Ik wil geen beamer in de kerk maar iemand die vraagt hoe het gaat"

Jongere generaties geven aan dat relaties voor hen belangrijker zijn dan een hippe viering of de laatste technische snufjes in een dienst.

Hoe zorg je ervoor dat iedereen zich thuis voelt in de kerk?


Verbonden en verschillend. Het lijkt vaak een tegenstelling binnen de gemeente - dat veelkleurige palet van mensen en meningen, gevoelens en geloofsbelevingen. Mensen van verschillende generaties, mensen met een verschillend persoonlijk verleden. Allemaal met hun eigen vragen en hun eigen behoefte aan aandacht. Iedereen heeft zijn eigen verbondenheid met God.

Maar kan de gemeente ook inderdaad onderling verbonden zijn? Hoe kan het gemeente-zijn georganiseerd worden zodat alle groepen in de gemeente betrokken zijn en zich aangesproken voelen? Allemaal vragen die in veel gemeenten spelen. We willen toch allemaal dat de gemeente bij elkaar blijft en de eenheid wordt bewaard. Toch gebeurt het vaak dat in de verschillende activiteiten de verschillende groepen elkaar opzoeken; bijvoorbeeld door diensten of een gesprekskring voor jongeren en voor ouderen apart.

Samen vormen we de kerk


De gevolgen van een geïndividualiseerde samenleving zijn ook in de kerk waarneembaar. Door geen oog te hebben voor elkaar en je omgeving wordt het individu alleen maar individueler (en egoïstischer). Echter bij het verlangen naar verbinding en gemeenschap moeten we breken met het zoeken naar en invulling geven aan ‘een breder ik’ en ons juist met hart en ziel inzetten voor ‘een groter wij’. Laat vooral in deze tijd kinderen en jongeren met al hun zintuigen merken en voelen dat de kerk een gemeenschap is van mensen die elkaar aanvaarden (in Jezus’ naam), die voor elkaar willen instaan en bereid zijn elkaar ruimte te bieden die nodig is om te groeien in het geloof. Alleen maar ‘ieder voor zich’ is armoedig. Alleen bij elkaar komen als ‘gelijkgezinden’ of vanwege een gezamenlijk belang is te weinig. De kerk is een plaats om samen te lachen en te huilen, om samen te eten en te drinken, maar ook om samen te leren en te vieren. Het maakt hier niet uit hoeveel je verdient, hoe je eruit ziet, hoe oud je bent, wat voor kleren je aanhebt. Er is iets dat die verschillen overstijgt, omdat je samen familie van God bent. Daarom ben je elkaar gegeven en sta je voor elkaar in.


Wees oprecht geïnteresseerd in elkaar


Zorg dat de gemeente een plek is waar het ook voor kinderen en jongeren goed is om te zijn. Jongeren geven aan dat ‘hip’ en de nieuwste snufjes op techniekgebied niet doorslaggevend zijn om te blijven. Wat vele malen belangrijker is: dat je een ‘warme gemeenschap’ bent waar oog is voor elkaar, waar je gezien en gekend wordt. Waar geïnvesteerd wordt in vriendschappen met leeftijdsgenoten en in contacten tussen de generaties. Stimuleer daarom zo’n cultuur van warmte en onderlinge verbinding in je gemeente.


Praktische tips


Drie tips om alle leeftijden te betrekken bij de kerk:

  1. Stimuleer dat kinderen en jongeren merken dat ze volwaardig gemeentelid zijn door ze bijvoorbeeld in de diverse commissies te laten deelnemen als volwaardig commissielid.

  2. Bevorder het onderlinge gesprek tussen de generaties
    Dit doe je bijvoorbeeld door het organiseren van een ‘anders dan anders’ jeugddienst met intergeneratief speeddaten. Lees verder >>

  3. Stimuleer het intergeneratief leren en het voeren van het geloofsgesprek tussen de generaties.